De Peilstok - interview met Roel Buikema, hoofd jeugdopleidingen

Roel Buikema is nu een jaar actief als hoofd jeugdopleidingen. In dit gesprek maken we de balans op na dat eerste jaar. Wat gaat goed en wat kan nog beter? Een gesprek met een bevlogen clubman die mede verantwoordelijk is voor de levensader van onze club: de jeugd.

Je bent nu een jaar actief als hoofd jeugdopleidingen. Hoe kijk je terug op je eerste jaar?
Het was een heel intens jaar, er komt veel op je af. Veel contacten met mensen die je nog niet (goed) kent, allemaal iets van je willen en vragen stellen waar je nog geen antwoorden op hebt. Ik heb mij er volledig ingestort en ben dagelijks op de club geweest om alles te leren ontdekken. Je denkt dat je als Quicker de club en de mensen kent, maar je ontdekt pas echt hoe alles georganiseerd is als je er middenin staat. Hoe werkt de jeugd voetbal organisatie, welke trainers zijn allemaal actief, wie doet precies wat? Bij een aantal situaties heb ik later vragen gesteld als “wat is eigenlijk mijn rol in deze?, “ Is het logisch dat dit bij mij ligt, of wie heb ik hierbij nodig?” Het was een grote ontdekkingstocht. We hebben ingezet op de onderlinge verbinding tussen trainers. En ik ben heel blij met de trainers die nu op het veld staan en dat we de samenwerking tussen de jeugdvoetbal organisatie en technische commissie hebben versterkt. 

Wat heeft je positief verrast en wat is je tegengevallen?
Ik had een zeer duidelijke taakomschrijving, maar we kwamen vorig seizoen veel terecht in brandjes blussen en problemen oplossen. Dan regent het appjes en mailtjes  waar je 24/7 mee bezig bent. Het kost heel veel tijd en aandacht als het ergens niet goed loopt. En dat kost veel (negatieve) energie. Dat is nu veel beter en dat merken we aan het feit dat er minder gedoe is. Positief is vooral de organisatie die er bij Quick staat. Daar zijn veel clubs (terecht) jaloers op. Ik merkte dat bijvoorbeeld vorig jaar toen ik een keer in Zeist was voor een bijeenkomst met andere HJO’s. Die hadden veel meer problemen door een zwakke organisatie. Binnen Quick staat dat als een huis met een sterke technische commissie een zeer goede jeugdvoetbal organisatie. Allemaal vrijwilligers met veel kennis, ervaring, en energie om zich in te zetten voor onze club. 

We hebben maar liefst 64 teams te begeleiden en de Benjamins. Hoe zorgen we er voor dat we dat alles kwalitatief goed wordt georganiseerd?Goede trainers zijn daarin het allerbelangrijkst. Zij staan dagelijks op het veld met onze jeugd, zij maken het verschil. We beschikken dit seizoen over de gehele jeugd over goede trainers. En we hebben veel jeugdspelers die training geven aan de jongere jeugd, waar ik altijd heel blij van word. 

De begeleiding van alle teams kan alleen maar dankzij de geweldig grote groep trainers die wekelijks in weer en wind met ongelooflijk veel passie en energie teams trainen en begeleiden. Quick is daarin een voorbeeld voor vele clubs. Het is onze taak om deze trainers te ondersteunen en begeleiden waar dat nodig. Dit is echt maatwerk omdat de achtergrond en behoefte van alle trainers verschillend is. We organiseren regelmatig bijeenkomsten gericht op de ontwikkeling van onze trainers en verbetering van de trainingen. Belangrijkste is dat we daar leren van elkaar, er zit nog een enorme potentie in het onderling van elkaar leren. 

De start van de voetbalschool is daarin een geweldig initiatief. De trainers van de voetbalschool organiseren ‘train de trainer’ bijeenkomsten voor de meestal niet-gediplomeerde trainers van de basisteams. De onderbouwtrainers worden gecoacht en wekelijks voorzien van oefenstof. Binnen het samenwerkingsverband met Feyenoord vindt er regelmatig kennisuitwisseling plaats. Zo hebben zij voor alle onderbouwtrainers een workshop verzorgd, begeleiden zij een trainer van een selectieteam 1 op 1, en worden onze trainers uitgenodigd voor thema bijeenkomsten op Varkenoord. 

Met de TC dragen we de verantwoordelijkheid over alle voetbalinhoudelijke zaken en hebben we een goede verdeling. Pieter Fischer doet de onderbouw O7 t/m 12, John Hage (niet in TC) pakt daarvan de verantwoordelijkheid voor de selecties O8/O9/O11. Bas Spaans doet O13-14, Govert Lonzieme O15-16, Quinten Teunissen O 17-19, Rubi Munier alle meiden, en Fred van de Poll de basisteams O13-19. Met als onmisbare secretaris Diane Breedijk. De lijnen zijn heel kort met de betreffende trainers en begeleiders. We vergaderen om de 3 weken om alle ontwikkelingen met elkaar af te stemmen, en vooruit te kijken. 

Ik heb als HJO samen met de TC een coördinerende en sturende rol, in een goede en nauwe samenwerken met onze jeugdvoetbalorganisatie. Je kan als HJO onmogelijk alles volgen, daarom is een goede organisatie de basis van succes.

Ben je tevreden over de ontwikkelingen en de resultaten die we behalen?
Dat hangt er vanaf wat je onder resultaten verstaat. 

We hebben zowel bij de meidenteams, de selectieteams, als ook bij de basisteams gewoon hele leuke goede trainers die met veel enthousiasme en ambitie op het veld staan. En dat zorgt ervoor dat kinderen plezier hebben in voetbal en graag op Quick komen. Dat is voor mij de belangrijkste doelstelling. We willen graag hoog voetballen maar voor mij is het veel meer dan dat. Als je de kracht van een jeugdopleiding ophangt alleen maar aan het niveau van de eerste teams (wat vaak gebeurt met de lijstjes van beste jeugdopleidingen) vind ik dat veel te smal. Ik kijk veel meer naar het geheel en waar we als club voor staan. We willen dat mensen hier lang lid zijn en blijven. Die cultuur wil ik ook neerzetten bij de trainers. Op basis van vertrouwen in elkaar samen ontwikkelen, van elkaar leren en zich verbonden voelen met de club. Ik word heel blij als ik zie dat trainers elkaar helpen, bij elkaar kijken, en met elkaar sparren over het spelletje. In zo’n cultuur voelen spelers en trainers zich verbonden met de club en kom je tot resultaten. Ik maak altijd de vergelijking met het onderwijs “een school is zo goed als zijn/haar leerkrachten”, “een jeugdopleiding is zo goed als de trainers en begeleiders”. Een directeur of HJO kan dat stimuleren en faciliteren, en natuurlijk de juiste mensen werven en aannemen. Naast inhoudelijke zaken proberen we ook d.m.v. informele activiteiten het “wijgevoel” te stimuleren. Vorig jaar was dat bijvoorbeeld met elkaar Padellen en dit jaar gaan we een onderling toernooi organiseren, met als afsluiting een hapje en een drankje. Kortom, ik ben positief en heel tevreden met de lijn waar we op zitten.

Wat vind je nog uitdagingen en verbeterpunten?
Wat ik een interessant onderdeel vind is het moment van selecteren in onze jeugd. Bij ons worden al heel vroeg de beste spelertjes ‘geselecteerd’ voor de hoogste teams. Uit alle onderzoeken blijkt dat je juist niet op hele jonge leeftijd moet selecteren, maar juist brede groepen dezelfde trainingen moet aanbieden. Hier zijn natuurlijk allerlei organisatorische componenten aan verbonden, en ik zeg niet dat we dit op korte termijn veranderen. Maar wel dat dit een onderwerp is wat me bezighoudt.   

Ook denk ik dat het thema “mentale weerbaarheid” een verbeterpunt is. We zijn in gesprek met externe partijen om te onderzoeken hoe wij dat binnen de jeugdopleiding zowel voor trainers als spelers meer “handen en voeten” moeten geven. De rol van de ouders speelt daarbij ook een grote rol. Veel ouders proberen teleurstellingen voor hun kinderen weg te nemen, en gaan direct naar trainers als het even slecht uitpakt voor hun zoon/ dochter. Maar teleurstellingen kunnen een belangrijk onderdeel zijn van de ontwikkeling van spelers. Trainers, scheidsrechters of wie dan ook, nemen wel eens beslissingen die in de ogen van spelers onterecht of fout zijn, maar daar moet je mee leren omgaan. Dat vraagt ook goede communicatievaardigheden van trainers. Dat leren kinderen veel beter als ouders er zich niet mee bemoeien en kinderen hun spel laten spelen. Dus eigenlijk is mijn oproep aan alle ouders langs de kant, moedig je kind positief aan, stop met coachen, en zorg er vooral voor dat je niet ‘te aanwezig’ bent langs de lijn. 

Ons trainingsschema is ook elk jaar een uitdaging. Onze buren starten om 16.00 uur en kunnen alles kwijt op 3 velden en trainen niet op vrijdag. Het is de moeite waard om dit op Quick ook te onderzoeken. 

En het is een grote uitdaging om meer jeugd vast te houden in de senioren. Je ziet dat het aantal senioren teams achteruit gaat. De kiem kunnen we in de jeugd al leggen door veel aandacht te besteden aan en het bevorderen van de clubbinding  voor alle spelers.

Er is nog genoeg te doen, maar volgens mij zijn we op de goede weg.

Lees het hele artikel in pdf

Downloads:

Nieuws Overzicht