gototopgototop
Banner

Profiel Pieter Marseille, allrounder in Quick I cricket aller tijden

alt

Pieter Marseille was zonder twijfel de beste cricketer, die Quick ooit heeft voorgebracht. Zijn benadering van het spelletje was wetenschappelijk en aangezien cricket een denksport is, kwam dit goed uit. In 1948 meldde Pieter, afkomstig uit Australië, zich aan als Quicklid. Dankzij zijn fantastische spel won Quick voor de eerste maal het Flamingo Juniorentoernooi. Pieter Marseille speelde slechts 14 wedstrijden voor het Nederlands Elftal. Als Quicker moest je wel bijzonder goed zijn om hiervoor in aanmerking te komen. Hij schreef cricketgeschiedenis door zijn 112 not out tegen Hampshire. Voor Piets bijdrage van 77 runs tijdens de historische overwinning op Australië ontving hij de “Cramer McLean Beker”. In 1970 nam hij afscheid als actief cricketer! Pieter speelde 256 wedstrijden voor Quick I, sloeg 5.152 runs bij elkaar en nam 537 competitiewickets en staat hiermee in “Quicks Cricket Hall of Fame” op respectievelijk de 3e, 3e en 4e plaats. Ruim 26 jaar na zijn afscheid!!! (uit ‘100 jaar Quick’ door Bob van Gigch; inmiddels staat hij 7e, 5e en 2e)

Pieter Marseille. Pakte ook nog 108 vangen en had een hoogste score van 115*. Nodigt uit tot respect en Franse toevoegingen. Éminence grise en aimabel par exemple. Quick cricket player of the 20th century. Een carrière die klinkt als een klok en leest als een geschiedenisboek. Daar gaan we.

1948 - 1951. Nederland en Indonesië worden het eens over de soevereiniteitsoverdracht en Uruguay wordt wereldkampioen voetbal door in de finale Brazilië met 2-1 te verslaan.

In het jaar dat Pieter lid wordt, debuteert hij ook in t Eerste. Een jaar later wint Quicks oudste jeugd voor het eerst (en tot voor kort ook voor het laatst) het Flamingotoernooi door winst op Haarlem, HCC (met 2 runs), HBS en ACC. Een grootse prestatie met wezenlijk aandeel van Pieter Marseille.

Het eerst battende Quick had het aan Pieter Marseille en Jan Foortse te danken, dat het na 38/6 geen volkomen debacle werd (90). Dit totaal werd met de moed der wanhoop door elf fieldingduivels verdedigd, maar toen onder vrijwel ondragelijke spanning de HCC-score was opgelopen tot 86/8 en de HCC-er Hans Snoek een enorme hook afvuurde, waande men Quick verloren. Wonder boven wonder werd de bal nog juist 5 centimeter voor de boundary gestopt, waardoor de slag slechts 2 runs opleverde. Eén bal later wist Pieter Marseille deze batsman uit te krijgen: 88/9! Captain Harris van Veen bowlde de volgende bal zeer geconcentreerd, een forward defensive stroke van de trillende batsman, een duik van Pieter, die de bal als het ware van het bat plukte en… Quick had toch nog gewonnen! (Chantecler van april 1967, jubileumnummer Quick cricket 40 jaar, W. Bosman, Th. van Dill, H. Hebels en H. Schoenmaker)

Over wezenlijk aandeel gesproken: Pieter maakt in dat jaar (1949 dus) in de reguliere jeugdcompetitie 348 runs en pakt maar liefst 115 wickets tegen een wicketgemiddelde van 6,96. Het is niet meer dan terecht dat hij de W.K. van de Gumster Allround Cricket Cup wint. Andere individuele Quickcricketprijzen die Pieter won: nogmaals de W.K. van de Gumster Allround Cricket Cup in 1950 en 1951, Boudewijn Stumps in 1955 en 1962.

Quick I wordt in 1950 en 1951 kampioen en promoveert naar de Eerste Klasse. Pieter Marseille zelf over deze periode in de Chantecler ter ere van 75 jaar cricket op Quick: Van de 75 jaar heb ik een periode van zo’n 25 jaar actief zelf beleefd. Eerst de juniorentijd met als climax het als tweede klas verenigingetje winnen van het Flamingo jeugdtoernooi en daarna de climaxen met het tweemaal behalen van kampioenschappen alvorens te mogen promoveren naar de hoogste klasse. Dit vond plaats nadat het schisma in Quickcricket ervoor zorgde dat het oude eerste elftal na de oorlog niet terugkeerde naar Quick bij de heropening van het complex aan de Sportlaan. De oude garde verkoos op de Roggewoning verder te spelen onder de merkwaardig gekozen naam “Kwikstaarten”.

1952 – 1955. Jip en Janneke debuteren in Het Parool en Simon Vestdijk publiceert nogal veel boeken. In 1952 breekt Pieter vooral records. Tegen de naamgenoot uit Nijmegen neemt hij een hattrick (de eerste van Quick in 1B), maakt hij 69 runs (de eerste halve century van een Quicker in 1B) en zet hij samen met Boudewijn Poolman (44*) een partnership van 100 plus neer (ook hier geldt: unicum).

1956 – 1959. Bep van Klaveren bokst zijn laatste wedstrijd en de eerste aflevering van Pipo de Clown wordt uitgezonden. Quick I degradeert en promoveert. Pieter debuteert als eerste Quicker in het Nederlands elftal, tegen de Free Foresters, op het veld van Rood en Wit. Twee jaar later wint Oranje met Pieter Marseille in de gelederen voor het eerst in 25 jaar van MCC.

1960 – 1963. Er ontsnappen drie gevangenen uit Alcatraz en Marilyn Monroe pleegt zelfmoord. Quick I degradeert, wordt kampioen en promoveert dus weer. Pieter maakt tegen Hampshire een ongeslagen century voor het Nederlands elftal. Nederland drawt tegen het latere team van Paul-Jan Bakker.

Interlude. Ook in de elegant grijze tijden van weleer waren umpires niet onfeilbaar, getuige het volgende fragment uit de Chantecler van oktober 1966:

Naar analogie van de vele voor cricketers bestaande prijzen, …, werd op initiatief van Wim Bosman een wisselprijs ingesteld voor umpires. Deze prijs, een fraai door Pieter Marseille geschilderde en van rode ringen voorziene witte stok, valt toe aan de umpire die naar het subjectieve oordeel van de adjudicator in het desbetreffende seizoen het meest in aanmerking komt voor een zodanig instrument. De strijd om deze witte stok is dit jaar bijzonder spannend geweest. … De finishfoto heeft het aangetoond: de fel begeerde eerste plaats werd door alle umpires tegelijk bezet! Ex aequo! Tijdens het op Zondagavond 28 augustus op Nieuw Hanenburg gehouden feestje ter afsluiting van het cricketseizoen werd de prijs uitgereikt door een merkwaardige, in lange witte jas gehulde figuur, die voorts was getooid met een rally-cap, drankneus, crickettruien, donkere bril, bordjes ‘doof’ en ‘blind’ en natuurlijk ‘de’ witte stok.

1964. Jan Janssen wordt wereldkampioen wielrennen en Frankrijk dreigt de NAVO te verlaten. Nederland boekt een historische overwinning op Australië. Pieter zet samen met Pim van der Veght van HBS een opening van 99 neer, blijft staan tot 129 en legt met 77 kapitale runs de basis voor een nooit verwachte zege. Beelden van deze wedstrijd zijn te zien via http://www.kncb.nl/index.php?option=com_k2&view=item&id=2114:nederland-wint-de-cricketwedstrijd-tegen-australië-1964&Itemid=142 of http://portalettes.vpro.nl/themasites/mediaplayer/index.jsp?media=42085577&refernr=42079045&portalnr=4158511&hostname=geschiedenis&mediatype=video&portalid=geschiedenis#
.

1965. De Israëlische spion Eli Cohen wordt in Damascus opgehangen en de V&D in Tilburg fikt volledig af. Quick wordt voor het eerst landskampioen, gedeeld met VOC weliswaar, maar toch. Een sterk seizoen kent al een hoogtepunt, als voor het eerst van HCC gewonnen wordt (153 om 141, nadat HCC op 108/3 met een ingespeelde Peter van Arkel de wedstrijd in handen had).

De laatste wedstrijd wordt gespeeld tegen VOC. We staan 3 punten achter op de Rotterdammers, winst is nodig voor een gedeeld kampioenschap. VOC wint de toss en gaat fielden. Het is mooi weer, de term zonovergoten zou zomaar eens gebruikt kunnen zijn. Umpires Gerry Stallman en Klaas Poederbach zien vanaf het midden van de mat Pieter Marseille en Henk van Eck als openingspaar het veld betreden; het is vijf over elf, op de kop af.

Henk speelt positief en gaat al vrij snel voor zijn slagen. Dat levert runs en een wicket op. Alexander de Geer is de nieuwe batsman. 48/1 na t eerste uur. ‘Beide batsmen lieten fraaie strokes zien. Pieter vooral speelde in dit uur werkelijk zeer goed. Zijn halve century werd dan ook door een dankbaar, steeds talrijker wordend publiek, met een luid applaus begroet.’

Even later: ‘Met zijn totaal op 97 verloor Pieter jammer genoeg door een slechte slag zijn wicket, gevangen op point. Hij miste dus juist zijn century, maar zijn innings was voor zijn team werkelijk van onschatbare waarde. Pieter werd dan ook met een ovationeel applaus ontvangen. Totaal 187 voor 4.’

Henk declareert op 195/4 na 3 uur en 1 minuut spelen. Mixed emotions. De één zegt te vroeg, de ander had zo graag de 200 nog op het bord willen zien staan. Met de kennis van nu rest mij slechts te zeggen: briljant moment!

VOC verliest gestaag wickets. Ton Bakker weet van geen opgeven, staat majestueus te batten en houdt de bezoekers in de race. Toch: op 109/7 lijkt het pleit beslecht, de winst binnen, et cetera. Een puik partnership van Bakker en Cees Lindeboom kantelt de wedstrijd. In de tussentijd slaagt Bakker er wel in zijn century binnen te halen. VOC op 178/7, heeft dus nog maar 18 runs nodig en 3 wickets achter de hand. Kat in het bakkie, winst en ongedeeld kampioenschap voor VOC, zou je zeggen. Jammer ook.

Maar dan grijpt Wim Bosman (was niet alleen een voortreffelijk schrijver, ook een geweldige bowler, die juist in belangrijke wedstrijden altijd iets extra’s bracht; 198 wedstrijden, 462 wickets, 1.057 runs) in. Hij vindt t wel welletjes zo, pakt het prijswicket van Bakker en maakt niet veel later nog een slachtoffer. Coen Burki (ook al zo’n legende, 155 wedstrijden, 439 wickets, 541 runs) doet de wedstrijd op slot, zoals voetbaltrainers tegenwoordig zouden zeggen. Het wicket van Lindeboom is de laatste scalp van de dag. VOC maakt 0 van de benodigde 18 runs en is voor 178 all out. Quick heeft met een onwerkelijke comeback de wedstrijd gewonnen en is gedeeld landskampioen! Quotes uit voorgaand wedstrijdverslag zijn uit de Chantecler, foto’s van de wedstrijd tref je aan op http://www.anp-archief.nl/page/1527/nl.

1966 – 1972. Armand zingt ‘Ben ik te min’ en Gabriel Garcia Marquez publiceert ‘Honderd jaar eenzaamheid’. Quick wint de beker. Pieter neemt afscheid van Oranje en Quick. In de tussentijd worden we nog wel even landskampioen. De Chantecler over Pieters aandeel in 1970:

Dit laatste (het ‘actief meewerken aan de opkomst van Quick’ red.) geldt evenzeer voor Pieter Marseille en Wim Bosman, die beiden na een geweldige staat van dienst in dit seizoen nog enkele malen hun krachten aan het elftal gaven en daarna, door blessures geplaagd, officieel afscheid van het eerste klasse cricket namen. Pieter deed dit in de thuiswedstrijd tegen HCC I, Wim in de KO-finale waarin hij zich nog eens, als vanouds bowlend, de beste Quick-werper toonde. Op hun enorme ervaring zal zonder enige twijfel in de toekomst nog herhaaldelijk op de een of andere wijze een beroep worden gedaan.

Over Pieters afscheid schreef Wim Bosman het volgende (Chantecler van mei 1970):

Pieter Marseille retired

De zonder enige twijfel beste cricketer die onze club heeft voortgebracht, Pieter Marseille, heeft besloten zijn cricketspullen definitief aan het wilgenhout te hangen. … De oppositie zal een en ander echter wel met vreugde vernemen. … In 1948 kwam Pieter uit Australië, waar hij de eerste beginselen van cricket leerde en meldde hij zich aan bij Quick. … Vooral met de bal was hij ongenaakbaar in zijn juniores-tijd. … Zo bowlden wij zelf eens een wedstrijd lang vruchteloos tegen de jeugd van Quick-N, terwijl Pieter aan de andere kant alle elf (12-a-side) wickets veroverde. … Langzaam maar zeker ontwikkelde hij zich bovendien van een goed batsman tot één der besten van den lande. Helaas ging dit tenslotte toch enigszins ten koste van zijn bowlen. … Daarnaast hield hij ook nog wel eens een vang vast. Wie herinnert zich bijvoorbeeld niet de twee enorme striemen van ACC-topman Joe Milner, die Pieter op één dag bemachtigde? Dat was grandioos! … Het was altijd fijn met Pieter te cricketen. Het Eerste zal hem zeker erg missen. Maar hij komt wel terug, zeggen ze.

Pieter werd in 39 (anders gezegd: in driekwart van de) teams opgesteld. Inzenders over hem: “Allrounder, prima bowler en goede middelorder batsman”, “Meer dan 5.000 runs, meer dan 500 wickets en gewonnen van Australië met Ned. XI”, “Een lijst mede gebaseerd op cijfers is niet compleet zonder Pieter Marseille, die zelf de statistiek ook graag gebruikt bij het Quick Golf Touring Team, voorheen een reizend cricketgezelschap. De cijfers liegen niet en daarbij is Pieter een zeer aimabele persoon. Laten we niet vergeten dat hij namens het Nederlands elftal ooit een aanzienlijke bijdrage had gedurende de enige overwinning van Nederland op Australië!!!”, “Uit de overlevering de beste cricketer die Quick heeft gehad”, “Marseille, Bosman en Burki waren absolute toppers in hun tijd, evenals Bakker, Vierling en Schiferli in hun periode”, “Zijn tijd ver vooruit - later prachtige analyses van batting performance”. Volgende week aandacht voor Henk Jan Mol, alweer een allrounder van Quick I cricket aller tijden en de regerende captain van onze hoofdmacht.

Laatst aangepast (woensdag 21 maart 2012 19:22)

 
Cricket - Organisatie
Sponsors acties I
Sponsors acties II
Hoofdsponsoren